Gastblog| Outdoor Fotografie Deel III – De Geavanceerde Instellingen

Outdoor Fotografie

Gastblogger en professioneel fotografe Marloes geeft je tips om jouw outdoor avonturen nog beter vast te leggen. Deel 3 van Outdoor Fotografie – De Geavanceerde Instellingen.

In het vorige blog heb je geleerd hoe je camera denkt en wat de belangrijkste instellingen zijn bij het maken van een foto. In dit deel gaan we deze instellingen in de praktijk toepassen.

Wat hebben de sluitertijd, diafragma en ISO eigenlijk met elkaar te maken?

Sluitertijd, diafragma en ISO waarde: oftewel de belichtingsdriehoek. Aan de hand van onderstaande tabel staat schematisch uitgelegd hoe de drie waardes afzonderlijk invloed hebben op je foto.

De belichtingsdriehoek
Bron: hamburger-fotospots.de

Wanneer je welke instelling kiest is afhankelijk van wat je zoekt in een foto en de hoeveelheid aanwezige licht. Hoe ga je hierbij te werk? Iedere fotograaf heeft hier waarschijnlijk een andere theorie over. Ik zal aan de hand van mijn eigen werkwijze uitleggen hoe ik mijn waardes kies.

Wanneer kies je voor welke waarde?

“Langzaam zakt de novemberzon achter de hoge kliffen die het strand aan alle kanten omringen. De zee kleurt goud terwijl wandelaars genietend van de laatste zonnestralen langzaam huiswaarts keren. Ondanks dat het winter is voelt het als een zwoele zomerdag, het zand is warm van de zon en tegen de duinen aan geleund zie je mensen luieren in de gouden zonsondergang. Mijn hond Sam zit tevreden naast mij in het zand. Na een uur zwemmen en rennen geniet ook hij van de omgeving. Geconcentreerd houdt hij een surfer in de gaten die net het water uit komt lopen. Hij vraagt zich vast af wat voor dier er zo uit zee komt wandelen. De blik in zijn ogen intrigeert me, de erin weerspiegelde zonsondergang is als een kijkje in zijn ziel. Daar gaan we een foto van maken!”

 Voor een scherpe voor en achtergrond gebruik je een klein diafragma. Voor een onscherpe achtergrond een groot diafragma (1)
Voor een scherpe voor en achtergrond gebruik je een klein diafragma. Voor een onscherpe achtergrond een groot diafragma

In dit voorbeeld wil je een portret maken. De geconcentreerde blik in de ogen van Sam is hier het onderwerp van je foto. Om hier alle aandacht op te vestigen wil je de achtergrond, ondanks de schoonheid ervan, wazig maken. Hij leidt anders teveel af van de hond zelf. Je gaat hier aan de gang met je diafragma. Zoals je hebt kunnen lezen en in de tabel kunt zien krijg je een wazige achtergrond door een grote diafragma opening te gebruiken, een klein getal dus. Je kunt er nu dus voor kiezen om je camera op de A-stand te zetten en je diafragma in te stellen op de door jou gekozen waarde. Als leidraad kun je voor een portret een waarde tussen de 2.8 en 4 gebruiken, dit geeft meestal een mooi effect. Het kiezen van een groot diafragma heeft daarnaast als voordeel dat er door de grote opening veel licht op de sensor valt waardoor je in donkere omstandigheden vrij lang met een korte sluitertijd en lage ISO kunt blijven fotograferen.

Je camera kijkt niet in kleur, maar in zwart/wit. Hij zal in het bepalen van de waardes altijd proberen het gemiddelde van de tinten zwart en wit op exact middengrijs te krijgen. Uitgaand van de door jouw ingegeven waarde zal hij daarom altijd proberen de overige waardes zo aan te passen om dit doel te bereiken.

“De surfer heeft zich omgedraaid en kijkt bedachtzaam uit over zee. De zon werpt lange schaduwen en de hele omgeving lijkt uit verschillende tinten goud te bestaan.”

Ook dit wil je natuurlijk vastleggen. Ook nu ga je weer aan de gang met je diafragma. Ditmaal voor een landschapsfoto waarin je zoveel mogelijk scherp wil hebben. Hierbij kun je als leidraad een diafragma kiezen tussen de 11 en 22. Bij een kleinere opening (groter getal dan 22) loop je bij veel camera’s het risico dat je vervormingen: bijvoorbeeld verbogen hoeken, in je foto gaat krijgen. De reden hiervoor is de manier waarop lenzen in elkaar zitten, een nogal technisch verhaal. Je loopt nu waarschijnlijk tegen het probleem aan dat je bij een kleine diafragma opening en een donkere omgeving een lange sluitertijd nodig hebt. Er valt door de kleine opening weinig licht op de sensor waardoor je het licht langer nodig hebt voor je genoeg hebt voor een goede foto. Je kunt ervoor kiezen om je ISO op een hoge waarde te zetten of om je foto met een lange sluitertijd vanaf een stabiele ondergrond te nemen.

In deze twee voorbeelden ben je op zoek naar een bepaalde scherptediepte. De onscherpe achtergrond bij het portret en de doorlopende scherpte bij een landschapsfoto. Je ziet dat je dan dus begint met het kiezen van een diafragmawaarde. Je kunt hierbij je camera op de A-stand zetten, maar natuurlijk ook manueel je sluitertijd en ISO waarde hierop aanpassen.

“Zomer in Nederland. Wat kan het toch heerlijk zijn. Mijmerend loop je op blote voeten langs de vloedlijn over het strand van de Zeeuwse kust.  Ondanks de bewolkte dag is de temperatuur aangenaam. Echt weer voor een lange strandwandeling. Volledig tot rust gekomen door het vredige kabbelen van de golfjes en het zomerse briesje in je haren houd je even stil bij de golfbrekers. Als een militaire frontlinie houden ze in weer en wind stand en beschermen de duinen tegen de golven. Nu lijken ze uit te rusten in dit kalme weer. Aan de horizon lopen de grijze zee en wolken in elkaar over, alsof er nooit een einde aan komt. Misschien is dit iets om vast te leggen in een foto?”

Zie je het voor je? Lange rijen met paaltjes de zee in, tot ze kopje onder gaan en uit het zicht verdwijnen. Echt een Nederlands verschijnsel en bij menigeen een geliefd onderwerp om te fotograferen. We gaan nu aan de gang met sluitertijd. Als je van dit tafereel een foto op de autostand maakt krijg je wel het mooie landschap, maar mis je waarschijnlijk sfeer. Je wil juist de rust, het vredige van de zee en de kracht en standvastigheid van de paaltjes laten zien. Je wil je gevoel vertalen in een beeld, dit is iets anders dan de realiteit vastleggen. We komen hier op het vlak van de creatieve fotografie. Om dit te bereiken gaan we deze foto nemen met een lange sluitertijd. Voor sluitertijden zijn niet zoveel vuistregels, je bekijkt per foto wat je zelf het mooiste vindt. Je kunt in dit voorbeeld met 2 seconden werken, maar ook prima 5 of zelfs 30 seconden uitproberen. Het enige waar je door gelimiteerd bent is zijn je andere twee waardes. Omdat je sluiter lang openstaat wil je camera waarschijnlijk een lage ISO (ISO 100 is meestal het laagst) en een klein diafragma gebruiken (bijvoorbeeld 22). Ook aan je diafragma zit helaas een maximum, bij een bepaalde waarde is het gat zo klein dat het niet verder dicht kan. Als je sluitertijd dan te lang wordt je foto overbelicht; er valt teveel licht op de sensor.

Met een lange sluitertijd maak je van het water een egale deken. Met een korte sluitertijd geef je het snelheid.
Met een lange sluitertijd maak je van het water een egale deken. Met een korte sluitertijd geef je het snelheid.

“Een paar dagen later lijkt de hel losgebroken. De wind huilt tussen de duintoppen door en regen striemt op je capuchon. De golfbrekers hebben het zwaar te verduren. Zwarte wolken razen door de lucht en lijken de golven tegen de paaltjes aan te blazen waar ze in wit schuim uit elkaar spatten. Dit is moeder natuur in al haar furie.”

Hier wil je de kracht van de zee, het uiteenspatten van de golven en het standhouden van de paaltjes vastleggen. Je kiest hier voor een korte sluitertijd, zodat je ieder druppeltje de lucht in ziet vliegen. Door de korte sluitertijd en het donkere weer zal je camera automatisch voor een groot diafragma kiezen. Weet je nog, groot diafragma, kleine scherptediepte? Wil je wel veel scherptediepte dan zal je dus zelf een kleiner diafragma moeten selecteren. Om een te donkere, of onderbelichte foto te voorkomen kun je dan je ISO hoger zetten.

In bovenstaande voorbeelden ben je op zoek naar het stopzetten of juist het laten bewegen van de tijd. Je werkt hier dus vanuit je sluitertijd en past hierna je diafragma en ISO aan.

Zo, dat was een hoop technische informatie! Maar geen zorgen, zodra je het idee erachter begrijpt wordt het steeds makkelijker om de juiste instellingen te kiezen op je camera. Misschien vraag je je af waarom ik niet nog een stuk over werken vanuit ISO toevoeg. Dit is simpel uit te leggen. Persoonlijk werk ik nooit vanuit ISO, ik gebruik het alleen om te zorgen dat ik de belichtingsdriehoek correct krijg. Het liefst fotografeer ik met ISO 100: dit geeft een ruisvrij beeld. Lukt dit niet, dan zet ik hem iets hoger. Het is dus een handige functie om de juiste instellingen te krijgen in moeilijke lichtomstandigheden.

Alles zelf instellen! Werken in de manuele mode van je camera

Na deze uitleg heb je een idee hoe je camera zichzelf instelt als je een foto neemt. Werk je in de A of S Mode, dan kies jij één van de instellingen zelf en de camera de rest, super toch! Toch ga ik je als laatste kort proberen uit te leggen hoe je zelf volledig manueel je camera in kunt stellen, dus de sluitertijd, diafragma en ISO. Het makkelijkst is om hier te werken met je histogram. Je histogram kun je meestal aan of uit zetten door op de display knop van je camera te drukken. Een voorbeeld van een histogram zie je hieronder:

histogram

Je ziet dat het histogram opgebouwd is uit verschillende kleuren. Deze kleuren zijn rood, geel en blauw. Dit zijn primaire kleuren, uit deze drie kleuren zijn alle kleuren opgebouwd. Rood en geel is oranje, geel en blauw is groen en ga zo maar door. Het grijze gedeelte in het histogram is het gemiddelde van de kleuren in je foto. Het uiterste links van het histogram is diepzwart, het uiterste rechts helder wit. Je ziet dat in dit histogram de hoogste pieken in het midden zitten, dit betekent dat het grootste gedeelte van de foto precies tussen zwart en wit zit. Zouden de meeste pieken links tegen de rand aan geplakt zitten (zie voorbeeld), dan is de foto onderbelicht, dit betekent dat je informatie in je foto kwijt bent omdat deze delen diep zwart zijn. Plakt de grafiek tegen de rechterkant (zie voorbeeld) dan is de foto overbelicht, dit betekent dat er delen in de foto fel wit zijn en geen detail meer bevatten. Een histogram is dus niets meer dan een platte weergaven van alle kleuren en contrasten in een foto. Door deze in je display van je camera aan te zetten kun je controleren of je de instellingen goed hebt staan en je foto niet te licht of te donker wordt.

Ook in deze foto wil je zoveel mogelijk van de omgeving laten zien en gebruik je dus een klein diafragma.

Met al deze informatie kun je aan de gang! Ga fotograferen! Probeer van tevoren het beeld te bedenken dat je gaat maken en pas de kennis toe die je hierboven hebt opgedaan. Laat je fantasie de vrije loop en fotografeer alles wat je mooi vindt. Je zal zien dat je dan steeds makkelijker je instellingen aanpast om het gewenste resultaat te bereiken. Veel plezier! Volgende keer leg ik je uit hoe je een interessante compositie en een verhaal in je foto’s krijgt. En natuurlijk ook deze keer…. Heb je vragen, stel ze gerust!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

*